Christus is onze Verlossing

Dit is nummer 6 van de Ziekentroost.

Zo heeft nu God, om ons daaruit te verlossen, Zijn allerliefste Pand gegeven, namelijk Zijn enigen geliefden Zoon, in Wien de Vader een welbehagen heeft, en gebiedt Hem te horen; Dien Hij tot een Verzoening en Rantsoen gegeven heeft. Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe. Insgelijks: Hierin is de liefde Gods jegens ons geopenbaard, dat God Zijn eniggeboren Zoon gezonden heeft in de wereld, opdat wij zouden leven door Hem. En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen (zegt Christus), den enigen waarachtigen God, en Jezus Christus, Dien Gij gezonden hebt. Hij is de waarachtige Messias, Die in de wereld gekomen is, in de volheid des tijds; waarachtig God, om de heerschappij des satans te verbreken; en waarachtig mens, om onze Middelaar voor God te wezen, opdat Hij ons, die onder de wet gevangen lagen, verlossen zou. Hij is het onbesmette Lam, Dat voor onze smetten geslacht en geofferd is, tot een verzoening voor al onze zonden, gelijk Jesaja duidelijk getuigt. En Hij, Die rijk was, is om onzentwil arm geworden, opdat wij door Zijn armoede rijk zouden worden. Want al Zijn goederen heeft Hij ons geschonken, al Zijn weldaden, al Zijn gerechtigheid, verdiensten en heiligheid. En hiervoor moeten wij Hem met het geloof omhelzen, en met liefde en gehoorzaamheid dankbaar zijn. En wie zou Hem niet liefhebben, Die ons eerst liefgehad heeft? Toen wij nog Zijn vijanden waren, heeft Hij ons verlost en verzoend, hoeveel te meer zullen wij behouden worden door Zijn leven, nu wij Zijn vrienden geworden zijn! Want hoe zou iemand meer liefde hebben, dan dat hij zijn leven voor zijn vrienden zette? Hetwelk Christus als een goede herder bewezen heeft, doordat Hij Zijn Vader gehoorzaam is geweest tot den dood, ja, tot den dood des kruises; en is een weinig minder geworden dan de engelen vanwege het lijden des doods, opdat Hij door de genade Gods voor allen den dood smaken zou; waarom Hij met heerlijkheid en eer is gekroond. Ook is Hij de waarachtige Samaritaan, Die olie en wijn in onze wonden gegoten heeft; dat is, dat Hij Zijn dierbaar bloed voor onze zonden vergoten, en ons met zulk een duren prijs gekocht heeft. Want (zegt Petrus) wij zijn niet door zilver of goud verlost, maar door het dierbaar bloed van Christus, als van een onbestraffelijk en onbevlekt Lam. Want wij zijn niet verlost door het bloed der bokken en kalveren, maar Hij is door Zijn eigen bloed eenmaal ingegaan in het heiligdom, een eeuwige verlossing teweeggebracht hebbende. Die ons ook getrokken heeft uit de macht der duisternis, en overgezet heeft in het Koninkrijk van den Zoon Zijner liefde, in Wien wij hebben de verlossing door Zijn bloed, namelijk de vergeving der misdaden.

Ga naar ziekentroost 7: Wij moeten tot Christus onze toevlucht nemen
of ziekentroost 5: Van de verlossing des mensen

Toon nummering: naast | in tekst | niet