Liturgie

Wij moeten bidden en waken

Dit is nummer 16 van de Ziekentroost.

Daarom moeten wij tegen zijn listige moordenarij naarstig op onze hoede zijn, gelijk Petrus zegt: Zijt dan nuchter en waakt. Want, gelijk Christus zegt, wij weten niet in welke ure de Heere komen zal. Maar weet dit, dat zo de heer des huizes geweten had in welke nachtwake de dief komen zou, hij zou gewaakt hebben en zou zijn huis niet hebben laten doorgraven. Daarom, zijt ook gij bereid; want in welke ure gij het niet meent, zal de Zoon des mensen komen. Maar als wij beginnen onze mededienstknechten te slaan en te eten en te drinken met de dronkaards, zo zal de Heere komen, en ons in stukken houwen, en ons deel zal wezen met de geveinsden; daar zal wening en knersing der tanden zijn; waar de worm nimmermeer sterft en het vuur niet uitgeblust wordt. Want wij weten zeer wel, dat de dag des Heeren alzo zal komen gelijk een dief in den nacht; want wanneer wij zullen zeggen: Het is vrede, dan zal een haastig verderf ons overkomen, gelijk de barensnood een bevruchte vrouw. Daarom, wacht uzelven, dat uw harten niet te eniger tijd bezwaard worden met brasserij en dronkenschap en zorgvuldigheden dezes levens, en dat u die dag niet onvoorziens overkome. Want gelijk een strik zal hij over ons komen, of gelijk de bliksem, die plotseling geschiedt. Waakt dan te allen tijde, biddende dat gij moogt waardig geacht worden te ontvlieden al deze dingen die geschieden zullen, en te staan voor den Zoon des mensen.

Ga naar ziekentroost 17: Van het geloof en de goede werken
of ziekentroost 15: Wij moeten vromelijk strijden tegen onze vijanden


Toon nummering: naast | in tekst | niet
Deze pagina afdrukken