De Tien Geboden, de Wet des Heeren: tekst en uitleg
De Tien Geboden, de Wet des Heeren, gaf God aan Mozes op de berg Sinaï. In veel kerken worden zij elke zondagmorgen voorgelezen, in de woorden van de Statenvertaling. Hieronder staat de wet zoals zij gelezen wordt, met de samenvatting die de Heere Jezus ervan gaf, de uitleg van de Heidelbergse Catechismus bij elk gebod, de berijming en de plaats in de Bijbel.
De wet zoals zij in de kerk wordt voorgelezen: de aanhef en de tien geboden uit Exodus 20, in de Statenvertaling.
Toen sprak God al deze woorden, zeggende: Ik ben de Heere uw God, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis, uitgeleid heb.
Gij zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben.
Gij zult u geen gesneden beeld, noch enige gelijkenis maken, van hetgeen boven in den hemel is, noch van hetgeen onder op de aarde is, noch van hetgeen in de wateren onder de aarde is. Gij zult u voor die niet buigen, noch hen dienen; want Ik, de Heere uw God, ben een ijverig God, Die de misdaad der vaderen bezoek aan de kinderen, aan het derde, en aan het vierde lid dergenen, die Mij haten; En doe barmhartigheid aan duizenden dergenen, die Mij liefhebben, en Mijn geboden onderhouden.
Gij zult den naam des Heeren uws Gods niet ijdellijk gebruiken; want de Heere zal niet onschuldig houden, die Zijn naam ijdellijk gebruikt.
Gedenkt den sabbatdag, dat gij dien heiligt. Zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; Maar de zevende dag is de sabbat des Heeren uws Gods; dan zult gij geen werk doen, gij, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienstknecht, noch uw dienstmaagd, noch uw vee, noch uw vreemdeling, die in uw poorten is; Want in zes dagen heeft de Heere den hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin is, en Hij rustte ten zevenden dage; daarom zegende de Heere den sabbatdag, en heiligde denzelven.
Eert uw vader en uw moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land, dat u de Heere uw God geeft.
Gij zult niet doodslaan.
Gij zult niet echtbreken.
Gij zult niet stelen.
Gij zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste.
Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn os, noch zijn ezel, noch iets, dat uws naasten is.
En Jezus zeide tot hem: Gij zult liefhebben den Heere, uw God, met geheel uw hart, en met geheel uw ziel, en met geheel uw verstand. Dit is het eerste en het grote gebod. En het tweede aan dit gelijk, is: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelven. Aan deze twee geboden hangt de ganse wet en de profeten.
In eenvoudige woorden wat elk gebod van ons vraagt. De Heidelbergse Catechismus legt de geboden een voor een uit, in Zondag 34 tot en met 44; elke regel hieronder brengt u bij de vragen waar die uitleg staat.
Het Kort Begrip vat de wet samen in vraag 3 tot en met 7, en stelt daar de vraag die de wet zelf oproept: kunt u dit alles volkomen houden?
Waar staan de Tien Geboden in de Bijbel?
Tweemaal, in het Oude Testament:
Exodus 20:1-17: God spreekt de wet op de berg Sinaï, na de uittocht uit Egypte. In Deuteronomium heet de berg Horeb.
Deuteronomium 5:6-21: Mozes herhaalt de wet veertig jaar later, aan de grens van het beloofde land.
De duidelijkste verschillen zitten in het vierde en het tiende gebod. Bij het vierde gebod wijst Exodus op de schepping in zes dagen en Deuteronomium op de uitleiding uit Egypte. Bij het tiende gebod noemt Deuteronomium de vrouw van de naaste het eerst en apart. De Bijbel zelf noemt ze "de tien woorden" (Exodus 34:28, Deuteronomium 4:13), geschreven op twee stenen tafelen.
De Tien Geboden op rijm
Achter de honderdvijftig psalmen staan in het psalmboek van 1773 de Enige Gezangen. Het eerste daarvan is de berijming van de wet: "Mijn ziel, herdenk met heilig beven". U vindt het op deze site met bladmuziek en melodie, om mee te zingen.
Alle kerken tellen tien geboden, maar niet overal is "het tweede gebod" hetzelfde gebod. De telling hierboven is die van de gereformeerde kerken, de Statenvertaling en de catechismus.
Gereformeerd: het verbod op andere goden en het verbod op beelden zijn het eerste en het tweede gebod; het begeren is één gebod, het tiende.
Joods: "Ik ben de Heere uw God" geldt als het eerste woord; de verboden op andere goden en op beelden vormen samen het tweede.
Rooms-katholiek en luthers: de verboden op andere goden en op beelden zijn samen het eerste gebod; het begeren is verdeeld over het negende en het tiende gebod.
Op deze site staat de tekst zoals de Statenvertaling hem geeft. Wie de geboden in eenvoudige woorden zoekt, vindt die hierboven bij de uitleg per gebod.
De Tien Geboden in het Nieuwe Testament
De Heere Jezus zegt dat Hij niet gekomen is om de wet te ontbinden, maar te vervullen (Mattheüs 5:17), en Hij vat de wet samen in de liefde tot God en tot de naaste. Paulus noemt de liefde de vervulling der wet (Romeinen 13:10).
De Heidelbergse Catechismus behandelt de Tien Geboden daarom in het deel over de dankbaarheid: niet als weg om de zaligheid te verdienen, maar als regel voor het leven van wie uit genade leeft. In veel kerken worden zij zo elke zondag gelezen, als spiegel en als richtsnoer.