Advertentie

Van de wet Gods

Hoofdstuk 18 · 15 vragen

Vraag 1

Hoe velerlei wetten gaf God aan Israël?

Drieërlei; 1. De wet der zeden. 2. De wet der politie of de burgerlijke wet. 3. De wet der ceremoniën. Lev. 18:5. Ja, Mijn inzettingen en Mijn rechten zult gij houden; welk mens dezelve zal doen, die zal door dezelve leven; Ik ben de Heere!

Vraag 2

Welke van die drie duurt nu nog?

De wet der zeden, die een eeuwigdurende wet is. Matth. 5:17-19. Meent niet, dat Ik gekomen ben, om de wet of de profeten te ontbinden; Ik ben niet gekomen, om die te ontbinden, maar te vervullen. Want voorwaar zeg Ik u: Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet een jota noch een tittel van de wet voorbijgaan, totdat het alles zal zijn geschied. Zo wie dan een van deze minste geboden zal ontbonden, en de mensen alzo zal geleerd hebben, die zal de minste genaamd worden in het Koninkrijk der hemelen; maar zo wie dezelve zal gedaan en geleerd hebben, die zal groot genaamd worden in het Koninkrijk der hemelen.

Vraag 3

Wanneer zijn de anderen dan afgeschaft?

Met den tijd van het Nieuwe Testament. Hand. 15:10. Nu dan, wat verzoekt gij God, om een juk op den hals der discipelen te leggen, hetwelk noch onze vaders, noch wij hebben kunnen dragen? Gal. 5:2, 3. Ziet, ik Paulus zeg u, zo gij u laat besnijden, dat Christus u niet nut zal zijn. En ik betuig wederom een iegelijk mens, die zich laat besnijden, dat hij een schuldenaar is de gehele wet te doen.

Vraag 4

Hoeveel geboden zijn er in de wet der zeden?

Tien geboden.

Vraag 5

Hoeveel tafelen?

Twee tafelen.

Vraag 6

Wat eist de eerste tafel?

God lief te hebben boven alles.

Vraag 7

Wat eist de tweede tafel?

Onze naasten lief te hebben als onszelven. Matth. 22:40. Aan deze twee geboden hangt de ganse wet en de profeten.

Vraag 8

Hoeveel geboden zijn er in de eerste tafel?

Vier.

Vraag 9

Hoeveel in de tweede?

Zes.

Vraag 10

Waar is die wet gegeven?

Op den berg Sinaï. Gal. 4:25. Want dit, namelijk Agar, is Sina, een berg in Arabie, en komt overeen met Jeruzalem, dat nu is, en dienstbaar is met haar kinderen.

Vraag 11

Wanneer?

Even na den uittocht der kinderen Israëls uit Egypte.

Vraag 12

Is die Wet onder het Nieuwe Testament door Christus niet vermeerderd?

Neen; die is zo volmaakt, dat haar niets kan worden toegedaan.

Vraag 13

Kan men de wet volmaakt onderhouden?

Neen; Jak. 3:2. Want wij struikelen allen in vele. Indien iemand in woorden niet struikelt, die is een volmaakt man, machtig om ook het gehele lichaam in den toom te houden.

Vraag 14

Hoe luidt die wet?

Ik ben de Heere uw God. enz. Zie Ex. 20:2.

Vraag 15

Als men zijn onmacht uit de wet ziet, waartoe moet ons dat aanzetten?

Tot bidden. Ps. 119:4, 5. Heere! Gij hebt geboden, dat men Uw bevelen zeer bewaren zal. Och, dat mijn wegen gericht werden, om Uw inzettingen te bewaren!

Advertentie

Steun het werk — als dank leest u zonder advertenties.

De dagtekst, elke ochtend

Elke ochtend één kerntekst uit de Statenvertaling in uw mailbox, met een psalmvers om te zingen. Bekijk de dagtekst van vandaag.

Geen spam en afmelden kan altijd.

Dank u. Controleer uw e-mail om de aanmelding te bevestigen.