Advertentie

Van de kerk

Hoofdstuk 14 · 20 vragen

Vraag 1

Vergadert Christus door de roeping ook een kerk?

Ja.

Vraag 2

Waar is de kerk?

Hier op aarde en in den hemel.

Vraag 3

Hoe wordt de kerk op aarde genoemd?

De strijdende kerk, omdat zij hier gedurig te strijden heeft. Rom. 7:23. Maar ik zie een andere wet in mijn leden, welke strijdt tegen de wet mijns gemoeds, en mij gevangen neemt onder de wet der zonde, die in mijn leden is.

Vraag 4

Met wie?

Met de wereld, den duivel en ons vlees.

Vraag 5

Hoe wordt de kerk in den hemel genoemd?

De triomferende kerk, omdat zij daar alles overwonnen heeft. Openb. 7:9.

Vraag 6

Zijn dat dan twee onderscheidene kerken?

Neen; het zijn maar twee verscheidene gedeelten van één en dezelfde kerk. Ef. 1:10. Om in de bedeling van de volheid der tijden, wederom alles tot een te vergaderen in Christus, beide dat in den hemel is, en dat op de aarde is.

Vraag 7

Is er meer dan één kerk?

Neen. Hoogl. 6:9. Een enige is Mijn duive, Mijn volmaakte, de enige harer moeder, zij is de zuivere dergenen, die haar gebaard heeft. De kerk van alle tijden, en overal, is een en dezelfde kerk. Verg. Joh. 10:16.

Vraag 8

Is er altijd een kerk?

Ja. Matth. 16:18. En Ik zeg u ook, dat gij zijt Petrus, en op deze petra zal Ik Mijn gemeente bouwen, en de poorten der hel zullen dezelve niet overweldigen.

Vraag 9

Is zij altijd even zichtbaar?

Neen; zij kan uiterlijk onder de vervolgingen wel onzichtbaar zijn.

Vraag 10

Is zij er dan evenwel?

Ja; gelijk in de tijden van Elia, toen hij meende, dat hij alleen was overgebleven, en nochtans waren er wel zeven duizend, die hun knieën voor den Baal niet gebogen hadden. 1 Kon. 19:14-18.

Vraag 11

Wie is het hoofd van de kerk?

Jezus Christus. Ef. 5:23. Want de man is het hoofd der vrouw, gelijk ook Christus het Hoofd der Gemeente is; en Hij is de Behouder des lichaams.

Vraag 12

Is dat de paus van Rome niet?

Neen; die is de antichrist.

Vraag 13

Waarom?

Omdat alles in hem vervuld is, wat van den antichrist voorzegd is. 2 Thess. 2:1-11. En wij bidden u, broeders, door de toekomst van onzen Heere Jezus Christus, en onze toevergadering tot Hem, Dat gij niet haastelijk bewogen wordt van verstand, of verschrikt, noch door geest, noch door woord, noch door zendbrief, als van ons geschreven, alsof de dag van Christus aanstaande ware. Dat u niemand verleide op enigerlei wijze; want die komt niet, tenzij dat eerst de afval gekomen zij, en dat geopenbaard zij de mens der zonde, de zoon des verderfs; Die zich tegenstelt, en verheft boven al wat God genaamd, of als God geeerd wordt, alzo dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende, dat hij God is. Gedenkt gij niet, dat ik, nog bij u zijnde, u deze dingen gezegd heb? En nu, wat hem wederhoudt, weet gij, opdat hij geopenbaard worde te zijner eigen tijd. Want de verborgenheid der ongerechtigheid wordt alrede gewrocht; alleenlijk, Die hem nu wederhoudt, Die zal hem wederhouden, totdat hij uit het midden zal weggedaan worden. En alsdan zal de ongerechtige geopenbaard worden, denwelken de Heere verdoen zal door den Geest Zijns monds, en te niet maken door de verschijning Zijner toekomst; Hem, zeg ik, wiens toekomst is naar de werking des satans, in alle kracht, en tekenen, en wonderen der leugen; En in alle verleiding der onrechtvaardigheid in degenen, die verloren gaan; daarvoor dat zij de liefde der waarheid niet aangenomen hebben, om zalig te worden. En daarom zal God hun zenden een kracht der dwaling, dat zij de leugen zouden geloven.

Vraag 14

Wat zijn de kentekenen van de ware kerk?

De zuivere prediking van Gods Woord en de rechte bediening der sacramenten. Joh. 8:31. Jezus dan zeide tot de Joden, die in Hem geloofden: Indien gijlieden in Mijn woord blijft, zo zijt gij waarlijk Mijn discipelen. Hand. 2:42. En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden.

Vraag 15

Is de oudheid niet een kenteken van de kerk?

Neen; want des satans rijk is ook oud.

Vraag 16

Is veelheid van mensen niet een kenteken?

Neen; Christus' kerk is een klein kuddeke. Luk. 12:32.

Vraag 17

Is voorspoed naar de wereld niet een kenteken?

Neen. Joh. 16:33. In de wereld zult gij verdrukking hebben, maar hebt goeden moed, Ik heb de wereld overwonnen.

Vraag 18

Waarin bestaat de macht van de kerk?

In het gebruik van de sleutelen des hemelrijks.

Vraag 19

Hoe vele zijn die?

Twee: de prediking des evangeliums en de christelijke ban. Matth. 28:19. Gaat dan henen, onderwijst al de volken, dezelve dopende in den Naam des Vaders, en des Zoons, en des Heiligen Geestes; lerende hen onderhouden alles, wat Ik u geboden heb. Matth. 18:18. Zeg Ik u: Al wat gij op de aarde binden zult, zal in den hemel gebonden wezen; en al wat gij op de aarde ontbinden zult, zal in den hemel ontbonden wezen.

Vraag 20

Is het genoeg een uiterlijk lid der kerk te zijn?

Neen: men moet onderzoeken of men een levend lid daarvan zij.

Advertentie

Steun het werk — als dank leest u zonder advertenties.

De dagtekst, elke ochtend

Elke ochtend één kerntekst uit de Statenvertaling in uw mailbox, met een psalmvers om te zingen. Bekijk de dagtekst van vandaag.

Geen spam en afmelden kan altijd.

Dank u. Controleer uw e-mail om de aanmelding te bevestigen.