Advertentie

Spreuken 31:1-9

9 verzen · 24 kanttekeningen · Statenvertaling

De onderwijzing van Lemuël

Vers 1 De woorden van den koning Lemuël; de last, waarmede zijn moeder hem onderwees.1 van den koning Dat is, die dezen koning tot een vermaning gegeven zijn geweest en van hem aangenomen, opgetekend en aldus nagelaten tot aller mensen onderwijzing.2 Lemuël; Die ook genoemd wordt Lemoel, onder Spreuk. 31:4, welk woord betekent zoveel als tot, of voor God; dat is, die God toebehoort of toegeëigend is. Het algemeen gevoelen is dat door dezen te verstaan is de koning Salomo, die ook genaamd was Jedidja, dat is, de beminde des Heeren; zie 2 Sam. 12:25, en de aantekening.3 last, Zie boven Spreuk. 30:1.4 zijn moeder Namelijk Bathseba, van wie zie 2 Sam. 11:3; 1 Kon. 1:11, en 1 Kon. 2:13, enz.5 onderwees. Te weten eer hij koning geworden was, of terstond daarna.Vers 2 Wat, o mijn zoon, en wat, o zoon mijns buiks? ja, wat, o zoon mijner geloften?6 Wat, o mijn zoon, Dit zijn de woorden van de onderwijzing der moeder; alsof zij zeide: Wat [zal ik zeggen], of wat, of hoe zal het zijn, o mijn zoon, ik moet u onderrichten van hetgeen ik u acht nodig te wezen.7 mijns buiks? Vergelijk Jes. 49:15. Zo worden de kinderen ook genaamd ten aanzien van hunnen vader, Job 19:17; alzo ook de vrucht des buiks; te weten van hunne ouders, Deut. 28:4,18,53.8 mijner geloften? Dat is, om wien ik den Heere zovele geloften gedaan en volbracht heb opdat gij tot het koninkrijk zoudt mogen komen en daarin u kwijten gelijk een godvrezenden koning betaamt.Vers 3 Geeft aan de vrouwen uw vermogen niet, noch uw wegen, om koningen te verdelgen.9 vermogen niet, Dat is, de krachten uwer ziel en van uw lichaam, mitsgaders uw tijdelijke middelen. Vergelijk boven Spreuk. 5:9,10.10 uw wegen, Dat is, uw genegenheden, handel en werken.11 om koningen Dat is, om vermetelijk en zonder oorzaak der koningen landen en steden te veroveren, oorlog tegen hen voerende uit enkele verwaandheid, hoogmoed en gierigheid. Anders: Geef uwe genegenheden niet de vrouwen, hetwelk dient om de koningen te verdelgen; dat is te verderven en uit te roeien.Vers 4 Het komt den koningen niet toe, o Lemuël! het komt den koningen niet toe wijn te drinken, en den prinsen, sterken drank te begeren;12 Het komt Anders: Het zij verre van de koningen, enz. wijn te drinken, enz.13 wijn Te weten onmatiglijk.14 en den prinsen, Of, noch den prinsen sterken drank, of en [te vragen] waar is sterke drank?Vers 5 Opdat hij niet drinke, en het gezette vergete, en de rechtzaak van alle verdrukten verandere.15 niet drinke, Te weten elkeen der koningen en prinsen.16 gezette Het Hebreeuwse woord betekent hetgeen als ene wet, niet alleen eens geordineerd en vastgesteld is om onderhouden te worden, maar dat ook tot zulk een einde in steen, koper, of iets anders ingegraveerd, gesneden of geschreven is, waarnaar de uitspraak van den rechter ten allen tijde moet ingericht zijn.17 verdrukten Hebreeuws, kinderen der verdrukking; dat is verdrukte mensen. Alzo kinderen des doods, Ps. 78:11, voor mensen, die ter dood geëigend zijn. Kinderen der verandering, of des ondergangs, Spreuk. 31:8. Kinderen der gevangenis, Ezra 4:1, voor mensen, die gevangen waren geweest. Kinderen der vervloeking, 2 Petr. 2:14, voor vervloekte mensen.Vers 6 Geeft sterken drank dengene, die verloren gaat, en wijn dengenen, die bitterlijk bedroefd van ziel zijn;18 verloren gaat, Dat is, versmelt en als uitteert, uit oorzaak van enige zwarigheid, waarin hij steekt. Vergelijk Deut. 26:5.19 bitterlijk Hebreeuws, bitter van ziel; dat is, die in hun hart bitterlijk bedroefd zijn. Zie 2 Kon. 4:27.Vers 7 Dat hij drinke, en zijn armoede vergete, en zijner moeite niet meer gedenke.20 hij drinke, Te weten die vergaat en bitter van ziel is. Hier is verandering des getals. Vergelijk Job 24:18.Vers 8 Open uw mond voor den stomme, voor de rechtzaak van allen, die omkomen zouden.21 Open uw mond Alzo in Spreuk. 31:9. Zie Job 33:2.22 stomme, Dat is, voor hem, die zijn woord niet kan voeren vanwege zijne onbekwaamheid, of niet durft uit vrees van de macht zijner partij.23 die omkomen Hebreeuws, kinderen der verandering, of uitroeiing; dat is, die in gevaar staan van ten onrechte enige schadelijke verandering, dat is groot nadeel, te zullen lijden in hun goed, lichaam, of eer, ja, die tot hun verderf zou mogen dienen. Anders: van alle kinderen des doorgangs; dat is, van alle mensen, wier leven hier anders niet is dan gelijk een korte doorgang, overstap, of passering tot den dood.Vers 9 Open uw mond; oordeel gerechtelijk, en doe den verdrukte en nooddruftige recht.24 oordeel Hebreeuws, oordeel gerechtigheid; dat is gerechtiglijk, of recht. Alzo Deut. 1:16. Anders in, of met gerechtigheid; gelijk deze volle manier van spreken gevonden wordt Lev. 19:15; Ps. 9:9.

Lees heel Spreuken 31

Advertentie

Steun het werk — als dank leest u zonder advertenties.

De dagtekst, elke ochtend

Elke ochtend één kerntekst uit de Statenvertaling in uw mailbox, met een psalmvers om te zingen. Bekijk de dagtekst van vandaag.

Geen spam en afmelden kan altijd.

Dank u. Controleer uw e-mail om de aanmelding te bevestigen.