Psalmen 95:1-11

Opwekking om God te loven

Vers 1 Komt, laat ons den Heere vrolijk zingen; laat ons juichen den Rotssteen onzes heils.Vers 2 Laat ons Zijn aangezicht tegemoet gaan met lof; laat ons Hem juichen met psalmen.Vers 3 Want de Heere is een groot God; ja, een groot Koning boven alle goden;Vers 4 In Wiens hand de diepste plaatsen der aarde zijn, en de hoogten der bergen zijn Zijne;Vers 5 Wiens ook de zee is, want Hij heeft ze gemaakt; en Zijn handen hebben het droge geformeerd.Vers 6 Komt, laat ons aanbidden en nederbukken; laat ons knielen voor den Heere, Die ons gemaakt heeft.Vers 7 Want Hij is onze God, en wij zijn het volk Zijner weide, en de schapen Zijner hand. Heden, zo gij Zijn stem hoort,Vers 8 Verhardt uw hart niet, gelijk te Meriba, gelijk ten dage van Massa in de woestijn;Vers 9 Waar Mij uw vaders verzochten, Mij beproefden, ook Mijn werk zagen.Vers 10 Veertig jaren heb Ik verdriet gehad aan dit geslacht, en heb gezegd: Zij zijn een volk, dwalende van hart, en zij kennen Mijn wegen niet.Vers 11 Daarom heb Ik in Mijn toorn gezworen: Zo zij in Mijn rust zullen ingaan!

Advertentie

Liever lezen zonder advertenties? Lees meer over Plus