De bruiloft des Lams
Vers 6 En ik hoorde als een stem ener grote schare, en als een stem veler wateren, en als een stem van sterke donderslagen, zeggende: Halleluja, want de Heere, de almachtige God, heeft als Koning geheerst.12 grote schare, Grieks vele.13 heeft als Koning Dat is, nu komt de tijd dat Hij al Zijn vijanden onder onze voeten gebracht hebbende, en het rijk van den antichrist, van den satan en der wereld vernietigd hebbende, alleen zal heersen, en zulks voor de gehele wereld zal betonen; 1 Cor. 15:24. Want hoewel Hij altijd als koning heeft geheerst, zo is Zijn rijk onder velen, door de tirannie dezer anderen, en door Zijn verdraagzaamheid daarin, naar het oordeel der wereld, zeer verduisterd geweest.Vers 7 Laat ons blijde zijn, en vreugde bedrijven, en Hem de heerlijkheid geven; want de bruiloft des Lams is gekomen, en Zijn vrouw heeft zichzelve bereid.14 de bruiloft des Dat is, de nadere vereniging en volle verheerlijking der gemeente van Christus in den hemel met haren bruidegom Christus is nabij. Welke gelijkenis ook doorgaans elders wordt gebruikt. Zie Mark. 2:19,20; Joh. 3:29; 2 Cor. 11:2; Ef. 5:23, enz.15 heeft zichzelve bereid. Namelijk tot deze nadere vereniging en volle verheerlijking, welke bereiding niet voortkomt uit haar natuurlijke krachten, maar uit genade die haar van haar bruidegom is geschonken, gelijk Openb. 19:8 uitwijst. Zie ook Ezech. 16:3, enz.; 2 Cor. 3:5; Ef. 5:26; Filipp. 1:29.Vers 8 En haar is gegeven, dat zij bekleed worde met rein en blinkend fijn lijnwaad; want dit fijn lijnwaad zijn de rechtvaardigmakingen der heiligen.16 zijn Dat is, betekenen, gelijk hiervoor Openb. 1:20, en Openb. 17:15,18.17 de rechtvaardigmakingen Of, rechtvaardigheden, namelijk niet waardoor wij in onszelf, maar waardoor wij voor God rechtvaardig zijn, welke is de rechtvaardigheid van Christus, die ons door het geloof wordt toegerekend; 2 Cor. 5:21. En is als een zuiver wit kleed, waardoor onze naaktheid voor Gods aangezicht wordt bedekt. Zie Rom. 13:14; 1 Cor. 1:30; Gal. 3:27, en hiervoor Openb. 7:13, waaruit de heiligmaking des Geestes haar oorsprong heeft, die hiernamaals in ons ook zal volmaakt worden.Vers 9 En hij zeide tot mij: Schrijf, zalig zijn zij, die geroepen zijn tot het avondmaal van de bruiloft des Lams. En hij zeide tot mij: Deze zijn de waarachtige woorden Gods.18 die geroepen zijn Namelijk met een roeping naar Gods voornemen; want die heeft Hij gerechtvaardigd en verheerlijkt; Rom. 8:30. Anderszins, zo zijn er ook geroepen tot deze bruiloft, met de uitwendige roeping, die daarna buiten zullen geworpen worden. Zie Matth. 22:11, enz.19 tot het avondmaal Alzo genoemd, omdat de bruiloften des avonds bij de ouden plachten gehouden te worden; Matth. 25:1, en dat ze hier zal beginnen op het einde der wereld of ten uitersten dage.20 Deze zijn de Namelijk waardoor ons deze zaligheid wordt beloofd, die wij derhalve met een vast geloof moeten aannemen, en waarvan wij de volbrenging te zijner tijd moeten verwachten.Vers 10 En ik viel neder voor zijn voeten, om hem te aanbidden, en hij zeide tot mij: Zie, dat gij dat niet doet; ik ben uw mededienstknecht, en uwer broederen, die de getuigenis van Jezus hebben; aanbid God. Want de getuigenis van Jezus is de geest der profetie.21 om hem te aanbidden, Namelijk daartoe uit menselijke zwakheid bewogen zijnde, zo door de heerlijkheid des engels, als door de aangename verkondiging, die hij deed van de komst der bruiloft des Lams, gelijk in Cornelius dergelijke aan Petrus is geschied; Hand. 10:25. En hoewel Johannes dezen engel voor God zelf niet hield, nochtans, omdat deze eer de maat te buiten ging, en iets goddelijks scheen te hebben, zo heeft de engel deze geweigerd aan te nemen, zo hier als hierna Openb. 22:9; gelijk ook de dienst der engelen van Paulus in het algemeen wordt verboden; Col. 2:18.22 aanbid God. Namelijk wien deze eer der ware aanbidding alleen toekomt; Matth. 4:10.23 is de geest der profetie. Dat is, eenzelfde zaak met den geest der profetie en van een waardigheid. Waaruit hij bewijst dat zij beide dienstknechten van Jezus Christus zijn, terwijl hij den geest der profetie had ontvangen om Johannes dit te melden, Openb. 1:1, en Johannes insgelijks om dit voor de gemeente van Christus' wege te betuigen.