Mattheüs 27:27-32
Jezus weggeleid
Vers 27 Toen namen de krijgsknechten des stadhouders Jezus met zich in het rechthuis, en vergaderden over Hem de ganse bende.Vers 28 En als zij Hem ontkleed hadden, deden zij Hem een purperen mantel om;Vers 29 En een kroon van doornen gevlochten hebbende, zetten die op Zijn hoofd, en een rietstok in Zijn rechter hand; en vallende op hun knieen voor Hem, bespotten zij Hem, zeggende: Wees gegroet, Gij Koning der Joden!Vers 30 En op Hem gespogen hebbende, namen zij den rietstok en sloegen op Zijn hoofd.Vers 31 En toen zij Hem bespot hadden, deden zij Hem den mantel af, en deden Hem Zijn klederen aan, en leidden Hem heen om te kruisigen.Vers 32 En uitgaande, vonden zij een man van Cyrene, met name Simon; dezen dwongen zij, dat hij Zijn kruis droeg.