Advertentie

Markus 14:1-11

11 verzen · 13 kanttekeningen · Statenvertaling

De zalving te Bethanië

Vers 1 En het pascha, en het feest der ongehevelde broden was na twee dagen. En de overpriesters en de Schriftgeleerden zochten, hoe zij Hem met listigheid vangen en doden zouden.1 pascha, Zie hiervan Matth. 26:2.2 der ongehevelde broden Zo wordt het feest van pascha genaamd, omdat men op dat feest zeven dagen lang geen geheveld brood mocht eten. Zie Exod. 12:15; Lev. 23:6.Vers 2 Maar zij zeiden: Niet in het feest, opdat niet misschien oproer onder het volk worde.3 onder het volk worde. Grieks, des volks.Vers 3 En als Hij te Bethanië was, in het huis van Simon, den melaatse, daar Hij aan tafel zat, kwam een vrouw, hebbende een albasten fles met zalf van onvervalsten nardus, van groten prijs; en de albasten fles gebroken hebbende, goot die op Zijn hoofd.4 een vrouw, Namelijk Maria, de zuster van Lazarus. Zie Joh. 12:3.5 onvervalsten nardus, Grieks, pistike; dat is trouwe, of oprechte. Doch sommigen zetten het over vloeiende of drinkelijke, omdat het met den drank ook placht gemengd te worden. Anders, balsem van spicanardus. Zie Joh. 12:3.Vers 4 En er waren sommigen, die dat zeer kwalijk namen bij zichzelven, en zeiden: Waartoe is dit verlies der zalf geschied?6 sommigen, Van wie de voornaamste was Judas de verrader. Zie Joh. 12:4.Vers 5 Want dezelve had kunnen boven de driehonderd penningen verkocht, en die den armen gegeven worden; en zij vergrimden tegen haar.7 penningen verkocht, Grieks, denariën; waarvan de waarde verklaard wordt Matth. 18:28, zodat deze som zou bedragen omtrent negentig gulden.8 vergrimden tegen haar. Of, morden met verstoordheid.Vers 6 Maar Jezus zeide: Laat af van haar; wat doet gij haar moeite aan? Zij heeft een goed werk aan Mij gewrocht.Vers 7 Want de armen hebt gij altijd met u, en wanneer gij wilt, kunt gij hun weldoen; maar Mij hebt gij niet altijd.Vers 8 Zij heeft gedaan, hetgeen zij konde; zij is voorgekomen, om Mijn lichaam te zalven, tot een voorbereiding ter begrafenis.9 hetgeen zij konde; Grieks, hetgeen zij had.10 te zalven, Of, balsemen; gelijk men gewoon was de lichamen van achtbare lieden, met kostelijke zalf van specerijen gemaakt, te balsemen, eer zij begraven werden om die te bewaren voor verrotting. Zie Gen. 50:26.Vers 9 Voorwaar zeg Ik u: Alwaar dit Evangelie gepredikt zal worden in de gehele wereld, daar zal ook tot haar gedachtenis gesproken worden, van hetgeen zij gedaan heeft.11 dit Evangelie gepredikt zal worden Namelijk wat ik totnogtoe geleerd en verkondigd heb.Vers 10 En Judas Iskariot, een van de twaalven, ging heen tot de overpriesters, opdat hij Hem hun zou overleveren.Vers 11 En zij, dat horende, waren verblijd, en beloofden hem geld te geven; en hij zocht, hoe hij Hem bekwamelijk overleveren zou.12 geld te geven; Grieks, zilver; namelijk dertig zilveren penningen, gelijk Matth. 26:15.13 bekwamelijk overleveren zou. Grieks, ter bekwamer tijd, of met goede gelegenheid.

Lees heel Markus 14

Advertentie

Steun het werk — als dank leest u zonder advertenties.

De dagtekst, elke ochtend

Elke ochtend één kerntekst uit de Statenvertaling in uw mailbox, met een psalmvers om te zingen. Bekijk de dagtekst van vandaag.

Geen spam en afmelden kan altijd.

Dank u. Controleer uw e-mail om de aanmelding te bevestigen.