Een melaatse genezen
Vers 40 En tot Hem kwam een melaatse, biddende Hem, en vallende voor Hem op de knieën, en tot Hem zeggende: Indien Gij wilt, Gij kunt mij reinigen.Vers 41 En Jezus, met barmhartigheid innerlijk bewogen zijnde, strekte de hand uit, en raakte hem aan, en zeide tot hem: Ik wil, word gereinigd!Vers 42 En als Hij dit gezegd had, ging de melaatsheid terstond van hem, en hij werd gereinigd.Vers 43 En als Hij hem strengelijk verboden had, deed Hij hem terstond van Zich gaan;36 strengelijk verboden had, Of, met dreigementen scherpelijk verboden; namelijk zulks te openbaren.37 deed Hij hem terstond van Zich gaan; Grieks, dreef hem uit; dat is, deed hem haastelijk van zich weggaan.Vers 44 En zeide tot hem: Zie, dat gij niemand iets zegt; maar ga heen en vertoon uzelven den priester, en offer voor uw reiniging, hetgeen Mozes geboden heeft, hun tot een getuigenis.38 Zie, dat gij niemand iets zegt; Zie de oorzaak hiervan Matth. 12:16.Vers 45 Maar hij uitgegaan zijnde, begon vele dingen te verkondigen, en dat woord te verbreiden, alzo dat Hij niet meer openbaar in de stad kon komen, maar was buiten in de woeste plaatsen; en zij kwamen tot Hem van alle kanten.39 vele dingen Namelijk wat hem geschied was, en wat hij van Christus gehoord en gezien had.40 dat woord te verbreiden, Dat is, deze zaak.41 Hij niet meer openbaar Namelijk Jezus; zie Luk. 5:15,16.42 in de stad kon komen, Namelijk Kapernaüm, gelijk blijkt uit het begin van het hoofdstuk Mark. 2,namelijk om den groten toeloop des volks.