Jezus' dood
Vers 44 En het was omtrent de zesde ure, en er werd duisternis over de gehele aarde, tot de negende ure toe.47 de zesde ure, Zie van het tellen dezer uren Mark. 15:25.48 over de gehele aarde, Of, over het gehele land.Vers 45 En de zon werd verduisterd, en het voorhangsel des tempels scheurde midden door.49 zon werd verduisterd, Zie hiervan Matth. 27:45.50 voorhangsel des tempels scheurde middendoor. Zie Matth. 27:51.Vers 46 En Jezus, roepende met grote stemme, zeide: Vader, in Uw handen beveel Ik Mijn geest. En als Hij dat gezegd had, gaf Hij den geest.51 beveel Ik Of, zal Ik bevelen; dat is, in bewaring geven als een pand, dat iemand vertrouwd wordt, om te zijner tijd weder te geven.52 Mijn geest. Dat is, mijn ziel.Vers 47 Als nu de hoofdman over honderd zag, wat er geschied was, verheerlijkte hij God, en zeide: Waarlijk, deze Mens was rechtvaardig.53 verheerlijkte hij God, Namelijk openbaar belijdende dat Christus onschuldig en de Zoon Gods was, alzo God daarvan zo klare tekenen gegeven had; Matth. 27:51, enz.Vers 48 En al de scharen, die samengekomen waren om dit te aanschouwen, ziende de dingen, die geschied waren, keerden wederom, slaande op hun borsten.54 slaande op hun borsten. Namelijk tot een teken van droefheid en verslagenheid.