Jezus brengt vuur en verdeeldheid op aarde
Vers 49 Ik ben gekomen, om vuur op de aarde te werpen; en wat wil Ik, indien het alrede ontstoken is?43 vuur op de aarde te werpen; Dat is, de leer des Evangelies, welke in zichzelve en ten aanzien der gelovigen ene leer des vredes is, maar door de boosheid der mensen, die haar niet willen verdragen, wordt zij een vuur der vervolging en aanleiding van tweedracht. Zie Luk. 12:51; Jer. 23:29; 1 Petr. 1:7.44 wat wil Ik, Of, wat wil ik meer, dewijl het reeds ontstoken is?Vers 50 Maar Ik moet met een doop gedoopt worden; en hoe worde Ik geperst, totdat het volbracht zij!45 doop gedoopt worden; Dat is, met zwaar lijden. Zie Matth. 20:22.46 geperst, Namelijk òf met benauwdheid, òf met begeerte totdat het volbracht is.Vers 51 Meent gij, dat Ik gekomen ben, om vrede te geven op de aarde? Neen, zeg Ik u, maar veeleer verdeeldheid.Vers 52 Want van nu aan zullen er vijf in een huis verdeeld zijn, drie tegen twee, en twee tegen drie.Vers 53 De vader zal tegen den zoon verdeeld zijn, en de zoon tegen den vader; de moeder tegen de dochter; en de dochter tegen de moeder; de schoonmoeder tegen haar schoondochter, en de schoondochter tegen haar schoonmoeder.