Maria bezoekt Elizabet
Vers 39 En Maria, opgestaan zijnde in diezelfde dagen, reisde met haast naar het gebergte, in een stad van Juda;48 opgestaan zijnde in diezelfde dagen, Namelijk nadat zij zwanger geworden was, gelijk uit het volgende blijkt.49 een stad van Juda; Dat is, liggende onder den stam van Juda. Deze stad schijnt de stad geweest te zijn genaamd Kiriath-Arba, die, in den stam van Juda gelegen, den Levieten en priesters was ten deel gevallen, en in het gebergte lag, zuidwaarts van Jeruzalem. Zie Joz. 21:9,10,11.Vers 40 En kwam in het huis van Zacharias, en groette Elizabet.Vers 41 En het geschiedde, als Elizabet de groetenis van Maria hoorde, zo sprong het kindeken op in haar buik; en Elizabet werd vervuld met den Heiligen Geest;50 zo sprong het kindeken op in haar buik; Dit is geschied door een bovennatuurlijke en buitengewone beweging des Heiligen Geestes.Vers 42 En riep uit met een grote stem, en zeide: Gezegend zijt gij onder de vrouwen, en gezegend is de vrucht uws buiks!Vers 43 En van waar komt mij dit, dat de moeder mijns Heeren tot mij komt?Vers 44 Want zie, als de stem uwer groetenis in mijn oren geschiedde, zo sprong het kindeken van vreugde op in mijn buik.Vers 45 En zalig is zij, die geloofd heeft; want de dingen, die haar van den Heere gezegd zijn, zullen volbracht worden.51 van den Heere gezegd zijn, Dat is, van des Heeren wege door den engel. Zie Luk. 1:31,32,33.