Advertentie

Leviticus 17:10-16

7 verzen · 9 kanttekeningen · Statenvertaling

Verbod om bloed te eten

Vers 10 En een ieder uit het huis Israëls, en uit de vreemdelingen, die in het midden van hen als vreemdelingen verkeren, die enig bloed zal gegeten hebben, tegen diens ziel, die dat bloed zal gegeten hebben, zal Ik Mijn aangezicht zetten, en zal die uit het midden haars volks uitroeien.11 mijn aangezicht zetten, Hebreeuws, Ik zal mijn aangezicht geven tegen die ziel; dat is, Ik zal op dien mens vergramd zijn, zodat Ik hem tegenstaan en tot vijand wezen zal, en mijn werk daarvan maken, om rechtvaardige straf en wraak jegens hem uit te voeren. Alzo onder, Lev. 20:3, en Lev. 26:17; Ezech. 14:8, enz.Vers 11 Want de ziel van het vlees is in het bloed; daarom heb Ik het u op het altaar gegeven, om over uw zielen verzoening te doen; want het is het bloed, dat voor de ziel verzoening zal doen.12 van het vlees Dat is, van het levend beest. Zie Gen. 9:4.13 verzoening zal doen. Te weten, op sacramentele wijze, omdat het wees op het bloed van Jezus Christus, het onbevlekte lam, hetwelk op het altaar des kruises voor de mensen geslacht moest worden; Rom. 3:25; Col. 1:20; Hebr. 9:12.Vers 12 Daarom heb Ik tot de kinderen Israëls gezegd: Geen ziel van u zal bloed eten; noch de vreemdeling, die als vreemdeling in het midden van u verkeert, zal bloed eten.Vers 13 Een ieder ook van de kinderen Israëls en van de vreemdelingen, die als vreemdelingen in het midden van hen verkeren, die enig wild gedierte, of gevogelte, dat gegeten wordt, in de jacht gevangen zal hebben; die zal deszelfs bloed vergieten, en zal dat met stof bedekken.14 die enig wild gedierte, Hebreeuws, wie de jacht van een wild gedierte, enz. verjaagd zal hebben; dat is, met jagen gevangen zal hebben. Vergelijk hiermede de aantekeningen op Gen. 27:3.Vers 14 Want het is de ziel van alle vlees; zijn bloed is voor zijn ziel; daarom heb Ik tot de kinderen Israëls gezegd: Gij zult geens vleses bloed eten; want de ziel van alle vlees, dat is zijn bloed; zo wie dat eet, zal uitgeroeid worden.15 voor zijn ziel; Anders, in, of, met de ziel.16 de ziel van alle vlees is Zie boven, Lev. 17:11.Vers 15 En alle ziel onder de inboorlingen of onder de vreemdelingen, die een dood aas of het verscheurde zal gegeten hebben, die zal zijn klederen wassen, en zich met water baden, en onrein zijn tot aan den avond; daarna zal hij rein zijn.17 gegeten hebben, Te weten, door onwetendheid of onvoorzichtigheid, en niet met voorbedachten raad of opzettelijken wil. Zie boven, Lev. 11:40.Vers 16 Maar indien hij die niet wast, en zijn vlees niet baadt, zo zal hij zijn ongerechtigheid dragen.18 die niet wast, Te weten, zijne klederen.19 zijn ongerechtigheid dragen. Zie boven, Lev. 5:1.

Lees heel Leviticus 17

Advertentie

Steun het werk — als dank leest u zonder advertenties.

De dagtekst, elke ochtend

Elke ochtend één kerntekst uit de Statenvertaling in uw mailbox, met een psalmvers om te zingen. Bekijk de dagtekst van vandaag.

Geen spam en afmelden kan altijd.

Dank u. Controleer uw e-mail om de aanmelding te bevestigen.