Advertentie

Genesis 41:1-36

36 verzen · 47 kanttekeningen · Statenvertaling

Faraö's dromen

Vers 1 En het geschiedde ten einde van twee volle jaren, dat Farao droomde, en ziet, hij stond aan de rivier.1 twee volle Hebr. twee jaren der dagen; dat is, twee volle jaren. Deze manier van spreken wordt ook gevonden 2 Sam. 14:28, en Jer. 28:3. Aldus wordt een maand der dagen genoemd een volle maand; boven, Gen. 29:14.2 rivier. Versta, de vermaarde rivier, genoemd Nijl, die het land van Egypte door haar jaarlijksen overloop op een bijzondere manier bevochtigt en vruchtbaar maakt. Hierom wordt zij, ten aanzien van haar uitnemendheid, de rivier genoemd, zonder bijvoegsel. Zie Exod. 1:22, en Exod. 2:3, en Exod. 7:24,25; alzo wordt ook de Eufraat, de rivier genoemd zonder bijvoegsel; boven, Gen. 31:21.Vers 2 En ziet, uit de rivier kwamen op zeven koeien, schoon van aanzien, en vet van vlees, en zij weidden in het gras.3 in het gras. Anders, broekland, vochtige weide, meersche.Vers 3 En ziet, zeven andere koeien kwamen na die op uit de rivier, lelijk van aanzien, en dun van vlees; en zij stonden bij de andere koeien aan den oever der rivier.4 lelijk van Hebr. kwaad; dat is, ongestalt, mismaakt, van lelijke gedaante, zo ook onder Gen. 4:4,20,21. Daarentegen worden de schone, goede genoemd, Gen. 41:22,26.5 aan den oever Hebr. aan de lip.Vers 4 En die koeien, lelijk van aanzien, en dun van vlees, aten op die zeven koeien, schoon van aanzien en vet. Toen ontwaakte Farao.Vers 5 Daarna sliep hij en droomde andermaal; en ziet, zeven aren rezen op, in een halm, vet en goed.6 goed. Dat is, schoon, vol, dik.Vers 6 En ziet, zeven dunne en van den oostenwind verzengde aren schoten na dezelve uit.7 oostenwind De eigenschap van den oostenwind is de vruchten te verbranden en te verzengen, inzonderheid in die landen. Zie Ezech. 17:10, en Ezech. 19:12; Hos. 13:15.Vers 7 En de dunne aren verslonden de zeven vette en volle aren. Toen ontwaakte Farao, en ziet, het was een droom.8 volle aren. Dat is, vol sap en vochtigheid.9 droom. Te weten, niet een natuurlijke, maar een goddelijke droom; van God, en niet uit natuurlijke oorzaken voortkomende. Anders, dit was de droom.Vers 8 En het geschiedde in den morgenstond, dat zijn geest verslagen was, en hij zond heen, en riep al de tovenaars van Egypte, en al de wijzen, die daarin waren; en Farao vertelde hun zijn droom; maar er was niemand, die ze aan Farao uitlegde.10 in den Te weten, nadat hij een tijdlang wakker geweest was.11 verslagen was, Zie boven, Gen. 40:6.12 de tovenaars Of, sterrenkijkers, tekenbeduiders, of waarzeggers, gelijk zij gewoonlijk ten onrechte genoemd worden. Versta degenen, die met natuurlijke of superstitieuse, ja ook somtijds met duivelse kunsten omgingen, om iets wat verborgen is te voorzeggen of te beduiden, en om wat wonderlijks te bedrijven. Zie van dezen Exod. 7:11, en Exod. 8:19 en Exod. 9:11; Dan. 2:2,12.13 de wijzen, Versta, al degenen, die in enige wetenschap of scherpzinnigheid, oordeel of ervarenheid uitstaken; zie Exod. 7:11; Dan. 2:12.14 Farao uitlegde. Te weten, de dromen, alhoewel droom voorgaat. Het waren twee dromen, of een dubbele droom.Vers 9 Toen sprak de overste der schenkers tot Farao, zeggende: Ik gedenk heden aan mijn zonden.15 mijn zonden: Die ik tegen den koning voor enigen tijd begaan heb.Vers 10 Farao was zeer vertoornd op zijn dienaars, en leverde mij in bewaring ten huize van den overste der trawanten, mij en den overste der bakkers.16 Farao was Dat is de koning; want de naam Farao is een naam geweest, gemeen aan alle koningen van Egypte; zodat Farao bij de Egyptenaars zoveel betekende, als wanneer wij zeggen de koning, of zijn koninklijke majesteit; of, gelijk men zegt, de keizer, in Duitsland; en Sire, in Frankrijk; zie boven, Gen. 12:15.17 overste der trawanten, Zie boven, Gen. 37:36.Vers 11 En in een nacht droomden wij een droom, ik en hij; wij droomden elk naar de uitlegging zijns drooms.18 naar de Zie boven, Gen. 40:5.Vers 12 En aldaar was bij ons een Hebreeuws jongeling, een knecht van den overste der trawanten; en wij vertelden ze hem, en hij leide ons onze dromen uit; een ieder leide hij ze uit, naar zijn droom.19 jongeling, Te weten, van omtrent acht en twintig jaren, gelijk blijkt onder, vs. 46, Gen. 41:46.Vers 13 En gelijk hij ons uitleide, alzo is het geschied; mij heeft hij hersteld in mijn staat, en hem gehangen.20 En gelijk hij Hebr. en het is geschied gelijk hij ons uitgelegd heeft, zo is het geschied.Vers 14 Toen zond Farao en riep Jozef en zij deden hem haastelijk uit den kuil komen; en men schoor hem, en men veranderde zijn klederen; en hij kwam tot Farao.21 zij deden Hebr. zij deden hem lopen.22 en men schoor Anders, hij liet zich scheren. Jozef liet zijn haar wassen in de gevangenis tot een teken van droefheid, zie 2 Sam. 19:24, of naar de gewoonte der gevangenen; maar nu heeft hij zich laten scheren en zijn klederen veranderd, opdat hij niet met een ijselijk en treurig gelaat, met vuile en versleten klederen voor den koning zou verschijnen, hetgeen ongeoorloofd was; zie Esther 4:2.Vers 15 En Farao sprak tot Jozef: Ik heb een droom gedroomd, en er is niemand, die hem uitlegge; maar ik heb van u horen zeggen, als gij een droom hoort, dat gij hem uitlegt.Vers 16 En Jozef antwoordde Farao, zeggende: Het is buiten mij! God zal Farao's welstand aanzeggen.23 Het is buiten mij. Anders, zonder mij zal God enz. of, het is niet in mij. Aldus poogt Jozef met geleefdheid Farao's ogen, die nu vast op hem zagen, tot God te wenden, van wien de uitlegging der dromen komt. Zie boven, Gen. 40:8, en Dan. 2:28.24 welstand Hebr. vrede antwoorden; dat is, hetgeen dient tot Farao's welvaren en rust en dat der zijnen. Zie boven, Gen. 37:14.Vers 17 Toen sprak Farao tot Jozef: Zie, in mijn droom stond ik aan den oever der rivier;25 oever der Hebr. lip.Vers 18 En zie, uit de rivier kwamen op zeven koeien, vet van vlees en schoon van gedaante, en zij weidden in het gras.26 in het gras. Zie boven, Gen. 41:2.Vers 19 En zie, zeven andere koeien kwamen op na deze, mager en zeer lelijk van gedaante, rank van vlees; ik heb dergelijke van lelijkheid niet gezien in het ganse Egypteland.27 lelijk van Hebr. kwaad, alzo in het volgende.28 rank van Anders, ledig, uitgeteerd.Vers 20 En die ranke en lelijke koeien aten die eerste zeven vette koeien op;Vers 21 Dewelke in haar buik inkwamen; maar men merkte niet, dat ze in haar buik ingekomen waren; want haar aanzien was lelijk, gelijk als in het begin. Toen ontwaakte ik.29 in haar buik inkwamen, Hebr. in haar binnenste, of in haar midden.Vers 22 Daarna zag ik in mijn droom, en zie, zeven aren rezen op in een halm, vol en goed.30 goed. Dat is, schoon, alzo in het volgende.Vers 23 En zie, zeven dorre, dunne en van den oostenwind verzengde aren, schoten na dezelve uit;Vers 24 En de zeven dunne aren verslonden die zeven goede aren. En ik heb het den tovenaars gezegd; maar er was niemand, die het mij verklaarde.31 tovenaars Zie boven, Gen. 41:8.Vers 25 Toen zeide Jozef tot Farao: De droom van Farao is een; hetgeen God is doende, heeft Hij Farao te kennen gegeven.32 is één: Dat is, enerlei, te weten, ten aanzien van de beduiding.33 doende, Dat is, wat Hij doen zal, of, gaat doen. De toekomende dingen worden dikwerf in den tegenwoordigen tijd gesteld, omdat zij bij God zó zeker zijn, alsof ze reeds geschied waren, gelijk onder, Gen. 41:28, en Exod. 9:14; Joz. 11:6; Matth. 24:40, en Matth. 26:28.Vers 26 Die zeven schone koeien zijn zeven jaren; die zeven schone aren zijn ook zeven jaren; de droom is een.34 schone koeien Hebr. goede; zie boven, Gen. 41:3.35 zijn zeven jaren; Dat is, betekenen zeven jaren; zie boven, Gen. 40:12.Vers 27 En die zeven ranke en lelijke koeien, die na gene opkwamen, zijn zeven jaren; en die zeven ranke van den oostenwind verzengde aren zullen zeven jaren des hongers wezen.36 zeven jaren des Dat is, voorbeelden en waartekenen van zeven jaren, waardoor God te verstaan geeft dat Hij in die jaren een duren tijd in het land zenden zal.Vers 28 Dit is het woord, hetwelk ik tot Farao gesproken heb: hetgeen God is doende, heeft Hij Farao vertoond.Vers 29 Zie, de zeven aankomende jaren, zal er grote overvloed in het ganse land van Egypte zijn.37 overvloed in Hebr. verzaadheid; dat is, van alles, waarmede men zich kan verzadigen en nog veel overhouden.Vers 30 Maar na dezelve zullen er opstaan zeven jaren des hongers; dan zal in het land van Egypte al die overvloed vergeten worden; en de honger zal het land verteren.38 vergeten worden; Want gewoonlijk, wat uit het oog is, dat gaat ook uit de gedachten des harten; zie Gen. 41:31.39 het land verteren. Dat is mensen en beesten, die in het land zijn. Zo ook onder, Gen. 41:36.Vers 31 Ook zal de overvloed in het land niet gemerkt worden, vanwege dienzelven honger, die daarna wezen zal; want hij zal zeer zwaar zijn.40 vanwege Hebr. van het aangezicht diens hongers.Vers 32 En aangaande, dat die droom aan Farao ten tweeden maal is herhaald, is, omdat de zaak van God vastbesloten is, en dat God haast, om dezelve te doen.41 ten tweeden Het is aan te merken, dat de herhaling hier betekent de vastigheid van Gods besluit, en de verhaasting der uitvoering.42 van God Hebr. van met, of, bij God. Anders, van Gods wege.43 vastbesloten Anders, vastgezet is.Vers 33 Zo zie nu Farao naar een verstandigen en wijzen man, en zette hem over het land van Egypte.Vers 34 Farao doe zo, en bestelle opzieners over het land; en neme het vijfde deel des lands van Egypte in de zeven jaren des overvloeds.44 neme het Hebr. hij vijve het land; dat is, hij ontvange het vijfde deel van de vruchten des lands; te weten, voor een billijken prijs, om het naderhand in den tijd des hongers aan de onderdanen weder alzo te verkopen.Vers 35 En dat zij alle spijze van deze aankomende goede jaren verzamelen, en koren opleggen, onder de hand van Farao, tot spijze in de steden, en bewaren het.45 alle spijze Dat is, voorraad van landvruchten, die tot spijs konden dienen.46 onder de Op last, macht en beleid; alzo Exod. 4:13, en Exod. 9:35; Num. 7:8, enz.Vers 36 Zo zal de spijze zijn tot voorraad voor het land, voor zeven jaren des hongers, die in Egypteland wezen zullen; opdat het land van honger niet verga.47 niet verga. Hebr. niet afgesneden, of, uitgeroeid worde.

Lees heel Genesis 41

Advertentie

Steun het werk — als dank leest u zonder advertenties.

De dagtekst, elke ochtend

Elke ochtend één kerntekst uit de Statenvertaling in uw mailbox, met een psalmvers om te zingen. Bekijk de dagtekst van vandaag.

Geen spam en afmelden kan altijd.

Dank u. Controleer uw e-mail om de aanmelding te bevestigen.