De Christelijke volkomenheid
Vers 17 Weest mede mijn navolgers, broeders, en merkt op degenen, die alzo wandelen, gelijk gij ons tot een voorbeeld hebt.70 mede Of, tezamen, tegelijk.71 mijn navolgers, Namelijk in gevoelen en in wandel. Zie 1 Cor. 11:1.72 alzo wandelen, Namelijk gelijk ik wandel; gelijk in het volgende verklaard wordt.Vers 18 Want velen wandelen anders; van dewelken ik u dikmaals gezegd heb, en nu ook wenende zeg, dat zij vijanden des kruises van Christus zijn;73 velen wandelen Namelijk van de leraars, die het woord prediken en wandelen in hunne beroeping niet, gelijk wij doen.74 dikmaals gezegd Namelijk als ik bij u was, ulieden voor hen in mijne predikatiën waarschuwende.75 nu ook Namelijk door dit mijn schrijven.76 wenende zeg, Dat is, met droefheid des harten, ontstaande daaruit, dat deze lieden met hun valse leer en ongeregeld leven de gemeente verleiden en verstoren, en zichzelven het verderf over den hals halen.77 vijanden des Dat is, tonende dat zij vijanden zijn van de leer, waardoor geleerd wordt dat de mensen niet door de onderhouding van de wet, maar door de enige offerande van Christus aan het kruis geschied, zalig worden; 1 Cor. 1:23,24, en 1 Cor. 2:2.Vers 19 Welker einde is het verderf, welker God is de buik, en welker heerlijkheid is in hun schande, dewelken aardse dingen bedenken.78 Welker einde Dat is, die eindelijk van God met de eeuwige verdoemenis zullen gestraft worden, Openb. 19:20,21. Zie ook Filipp. 1:28.79 God is de buik, Dat is, die in plaats van God te dienen en Zijne eer te verbreiden, anders niets zoeken dan een lekker en gemakkelijk leven te leiden, en hunnen buik, alsof die hun God was, te dienen.80 heerlijkheid Dat is, eer, die zij bij de mensen zoeken en waarop zij roemen.81 is in hun schande, Dat is, zoeken hunne eer in hetgeen hun schandelijk is, dat is zal hun gedijen tot tijdelijke en eeuwige schande. Of, tot hunne schande.82 aardse dingen Dat is, tijdelijke wellust en gemak.83 bedenken. Of, bevroeden; dat is, met de zinnen en het verstand naar trachten.Vers 20 Maar onze wandel is in de hemelen, waaruit wij ook den Zaligmaker verwachten, namelijk den Heere Jezus Christus;84 onze wandel Of, burgerschap, dat is, burgerlijke verkering en wijze van leven der rechte Christenen. Zie Filipp. 1:27.85 is in de hemelen, Dat is, zodanig, dat zij altijd trachten niet naar aardse dingen, maar naar hemelse, en naar de heerlijkheid, die in de hemelen is weggelegd. Zie Col. 3:1,2.86 waaruit wij Grieks uit welke; namelijk plaats der hemelen. Zie dergelijke Matth. 2:9.87 verwachten, Namelijk om te komen oordelen de levenden en de doden; Hand. 1:11.Vers 21 Die ons vernederd lichaam veranderen zal, opdat hetzelve gelijkvormig worde aan Zijn heerlijk lichaam, naar de werking, waardoor Hij ook alle dingen Zichzelven kan onderwerpen.88 vernederd lichaam Grieks het lichaam onzer vernedering, of, ons lichaam der vernedering; dat is, dit ons sterflijk en verderflijk lichaam.89 veranderen zal, Het Griekse woord betekent in gedaante of hoedanigheid veranderen. Zie 1 Cor. 15:52, enz.90 gelijkvormig worde Namelijk in onverderflijkheid, onsterflijkheid en andere geestelijke eigenschappen. Zie 1 Cor. 15:48,49.91 Zijn heerlijk lichaam, Grieks het lichaam Zijner heerlijkheid, of Zijn lichaam der heerlijkheid, namelijk hetwelk Hij na Zijne opstanding, en nu nog in den hemel heeft.92 naar de werking, Dat is, naar Zijn goddelijke en alvermogende kracht, waardoor Hij alles vermag, en derhalve ook de opwekking en verandering onzer lichamen teweeg kan brengen.