God verschijnt aan Mozes
Vers 5 De Heere nu kwam nederwaarts in een wolk, en stelde Zich aldaar bij hem; en Hij riep uit den Naam des Heeren.4 wolk, Te weten, die wolk, welke een zeker teken was van de tegenwoordigheid des Heeren.5 Hij riep uit den Naam des HEEREN. Te weten, de Heere. Zie boven, Exod. 33:19.Vers 6 Als nu de Heere voor zijn aangezicht voorbijging, zo riep Hij: Heere, Heere, God, barmhartig en genadig, lankmoedig en groot van weldadigheid en waarheid.6 Hij: HEERE, HEERE, God, Te weten, de Heere.7 lankmoedig Hebreeuws, lang van toornigheden; dat is, langzaam tot toorn, niet haastig om zijn toorn uit te voeren. Alzo ook Num. 14:18; Pred. 7:8, enz. Het tegendeel hiervan is: kort van toornigheden; dat is, haastig tot toorn; Spreuk. 14:17.8 waarheid. Zie Gen. 24:27.Vers 7 Die de weldadigheid bewaart aan vele duizenden, Die de ongerechtigheid, en overtreding, en zonde vergeeft; Die den schuldige geenszins onschuldig houdt, bezoekende de ongerechtigheid der vaderen aan de kinderen, en aan de kindskinderen, in het derde en vierde lid.9 Die [den schuldige] geenszins onschuldig houdt, Hebreeuws, die onschuldig houdende niet onschuldig houdt.10 der vaderen Te weten, der boze en goddeloze vaders.11 aan de kinderen, Te weten, indien zij de kwade voetstappen van hunne vaders volgen.12 in het derde en vierde [lid]. Hebreeuws, aan de derde en aan de vierde; Exod. 20:5; Deut. 5:9.Vers 8 Mozes nu haastte zich en neigde het hoofd ter aarde, en hij boog zich.Vers 9 En hij zeide: Heere! indien ik nu genade gevonden heb in Uw ogen, zo ga nu de Heere in het midden van ons, want dit is een hardnekkig volk; doch vergeef onze ongerechtigheid en onze zonde, en neem ons aan tot een erfdeel!13 zo ga nu de Heere in het midden van ons, Te weten, met de wolkkolom ons leidende en verkwikkende.