Advertentie

2 Koningen 8:16-24

9 verzen · 16 kanttekeningen · Statenvertaling

Jehóram koning van Juda

Vers 16 In het vijfde jaar nu van Joram, den zoon van Achab, den koning van Israël, toen Josafat koning was van Juda, begon Jehoram, de zoon van Josafat, den koning van Juda, te regeren.24 vijfde jaar Hetwelk was het twee en twintigste jaar des koninkrijks van Josafat. Vergelijk boven, 2 Kon. 3:1.25 toen Josafat Want nog in het leven zijnde en het recht van den koninklijken stoel behoudende, had hij zijn zoon stadhouder gemaakt en met hem enige jaren geregeerd. Vergelijk hiermede de aantekening 1 Kon. 22:42, en boven, 2 Kon. 1:17.Vers 17 Hij was twee en dertig jaren oud, toen hij koning werd, en hij regeerde acht jaren te Jeruzalem.Vers 18 En hij wandelde op den weg der koningen van Israël, gelijk als het huis van Achab deed; want de dochter van Achab was hem ter vrouw geworden; en hij deed dat kwaad was in de ogen des Heeren.26 dochter Genaamd Athalia, onder, 2 Kon. 8:26, alwaar zij wordt gezegd de dochter van Omri, omdat deze Achabs vader was, en dus haar grootvader.27 hij deed Zie 1 Kon. 11:6.Vers 19 Doch de Heere wilde Juda niet verderven, om Davids Zijns knechts wil; gelijk als Hij hem gezegd had, dat Hij hem te allen tijde voor zijn zonen een lamp zou geven.28 om Davids Zie 1 Kon. 11:12.29 te allen tijde Hebreeuws, alle dagen. Zie 1 Kon. 11:36.30 lamp zou geven. Zie 1 Kon. 11:36.Vers 20 In zijn dagen vielen de Edomieten van onder het gebied van Juda af, en maakten een koning over zich.31 vielen Aldus werd vervuld de voorzegging van Izak, Gen. 27:40.32 het gebied Hebreeuws, hand; dat is, macht en gebied. Alzo onder, 2 Kon. 8:22. Zie Gen. 16:6.33 koning Want van den tijd van David af was er geen koning onder hen geweest, maar een konings stadhouder, ingezet door den koning van Juda. Zie 1 Kon. 22:48, en de aantekening daarop.Vers 21 Daarom toog Joram over naar Zair, en al de wagenen met hem; en hij maakte zich des nachts op, en sloeg de Edomieten, die rondom hem waren, daartoe de oversten der wagenen; en het volk vlood in zijn hutten.34 Zair, Hebreeuws, Tsair. De naam ener stad of plaats in Idumea gelegen.Vers 22 De Edomieten evenwel vielen van onder het gebied van Juda af, tot op dezen dag; toen viel Libna af in denzelfden tijd.35 tot op dezen dag; Dat is, welke afval duurt tot op dezen dag, in welken dit boek is geschreven geweest.36 Libna Een stad, gelegen in den stam van Juda, Joz. 15:42, en den priesters te bewonen gegeven, Joz. 21:13; de oorzaak van haar afval was, omdat Joram den Heere, den God zijner vaderen, verlaten had, 2 Kron. 21:10. Door dezen afval werd Joram verhinderd zijn victorie tegen de Edomieten te vervolgen, waardoor zij in hun afval gebleven zijn.Vers 23 Het overige nu der geschiedenissen van Joram, en alles wat hij gedaan heeft, is dat niet geschreven in het boek der kronieken der koningen van Juda?37 in het boek Zie 1 Kon. 14:29.Vers 24 En Joram ontsliep met zijn vaderen, en werd begraven bij zijn vaderen, in de stad Davids; en Ahazia, zijn zoon, werd koning in zijn plaats.38 ontsliep Zie Deut. 31:16; 1 Kon. 1:21.39 begraven Doch niet in de graven der koningen, maar in een gewoon graf, afgezonderd van de andere en zonder de gewoonlijke verering. Zie 2 Kron. 21:19,20.

Lees heel 2 Koningen 8

Advertentie

Steun het werk — als dank leest u zonder advertenties.

De dagtekst, elke ochtend

Elke ochtend één kerntekst uit de Statenvertaling in uw mailbox, met een psalmvers om te zingen. Bekijk de dagtekst van vandaag.

Geen spam en afmelden kan altijd.

Dank u. Controleer uw e-mail om de aanmelding te bevestigen.