Catechismus

Catechismus

Vraag 94

Deze vraag hoort bij zondag 35.
Zondag 35 valt onder hoofdstuk 4: Van de Wet.



Vraag 94

Wat gebiedt God in het eerste gebod?

Antwoord 94

Dat ik, zo lief als mij mijner ziele zaligheid is, alle afgoderij, toverij, waarzegging, superstitie of bijgeloof , aanroeping van deheiligen of van andere schepselen , mijde en vliede, en den enigen waren Godrecht lere kennen , Hem alleen vertrouwe , in alle ootmoedigheid enlijdzaamheid mij Hem alleen alles goeds verwachte, Hem van ganser harteliefhebbe , vreze en ere , alzo, dat ik eer van alle schepselen afgaen die varen late, dan dat ik in het allerminste tegen zijn wil doe.

Toon nummering: naast | in tekst | niet
Verander tekstgrootte: vergroten | verkleinen | herstellen (momenteel 10pt)
Vergroot leesbaarheid is uitgeschakeld: inschakelen | Achtergrond uit.
Deze pagina afdrukken
Openen als MS-Word-document
Openen als PDF-document