1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36
En het geschiedde, als het volk zich was beklagende, dat het kwaad was in de oren des Heeren; want de Heere hoorde het, zodat Zijn toorn ontstak, en het vuur des Heeren onder hen ontbrandde, en verteerde, in het uiterste des legers.
Toen riep het volk tot Mozes; en Mozes bad tot den Heere; en het vuur werd gedempt.
Daarom noemde hij den naam dier plaats Thab-era, omdat het vuur des Heeren onder hen gebrand had.
Ga naar hoofdstuk 10 of hoofdstuk 12.